Slow travel, het handelsmerk van de Orne

Slow travel, het handelsmerk van de Orne

23/03/2022

Met de fiets het binnenland van Normandië verkennen is onthaasten in de overtreffende trap. De Orne is één grote glooiende groene deken waar je de natuur intens beleeft. Nagestaard door koeien in de typische driekleur en het grappige brilletje, fiets je langs oneindige appelboomgaarden.

Er zijn zomaar even 54 thematische fietslussen, maar ook de befaamde Véloscénie trekt door dit stukje Normandië, een spectaculaire 450km lange fietsroute van Parijs naar Mont-Saint-Michel. Een van die fietsroutes die door de Orne slingert is l’Échappée de Sublaine. Als je net als wij in de mist begint en langzaam de zon ziet doorbreken is het alsof je van een zwart-wit-in een kleurenfilm wordt gekatapulteerd.

Myriam Thys ©

Een deel van de glooiende route loopt door het Parc Naturel Régional du Perche met eeuwenoude eiken- en beukenbossen. Je moet af en toe een aardig tandje bijsteken en stevig klimmen op dit 45km lange traject.

Manoirs, herenboerderijen met kasteelallures

Een van de vele themaroutes concentreert zich op manoirs, die typisch zijn voor de Orne en bijzonder charmant ogen. Het zijn een soort chique herenboerderijen met de allures van een kasteel. In Colonard-Corubert is er een lus die je naar Nocé leidt waar je de 15de eeuwse Manoir de Courboyer, een van de 700 die je in de Orne vindt, kan bezoeken. Leuk aan deze is dat je ook binnenin een kijkje kan nemen. Terwijl de meeste manoirs in privé handen zijn, is dit het bezoekerscentrum van het 1820 ha grote Parc Naturel Régional du Perche. Je komt alles te weten over manoirs én over het park.

Manoir de Courboyer Myriam Thys ©

Op dezelfde route in Boissy-Maugis is er nog een mooie: Manoir de la Moussetière. En op een gesaneerde oude spoorweg fiets je langs Manoir de la Vove, waar je de kapel, de bakkerij en het park kan bezoeken. En tenslotte kan je als de lus rond is ook nog slapen in een van de meest riante landhuizen op dit parcours, het 16de eeuwse Manoir de Lormarin in Nocé, dat nog heel authentiek is en met veel smaak werd gerestaureerd door de eigenaar, een antiquair.

Manoir de Lormarin Myriam Thys ©

et Versailles van de paarden

Een plek die je niet mag missen is Haras National Du Pin, het Versailles van de paarden. Lodewijk XIV, de Zonnekoning, koos de Orne uit om zijn militaire paarden onder te brengen. Hij liet er in 1715 een luxe paardenstoeterij bouwen, maar heeft het resultaat zelf nooit gezien.

Haras National du Pin Myriam Thys ©

Als je door de immense poort wandelt begrijp je meteen waar de vergelijking met Versailles vandaan komt. Niet alleen het 1000ha grote domein is prachtig aangelegd, het kasteel en de stallingen, die er in hoefijzer rond liggen, ogen bijzonder elegant. Naast Franse dravers en Engelse volbloeden vind je er ook Percherons, de stoere witte trekpaarden uit de Orne.

Haras National du Pin Myriam Thys ©

In het museum ligt de nadruk op de relatie mens-paard en een collectie antieke koetsen. Percherons vind je overal in de Orne, het zijn de tanks onder de paarden. Met wat geluk kan je er een berijden, want voor iedereen die een versnelling lager wil schakelen is dit stukje Orne te paard ontdekken het summum.