Op ontdekkingstocht naar de terrils rond Charleroi

Julie Docsterd,
30-05-2023
Terrils, die ooit zwarte getuigen waren van het mijnverleden van Charleroi, zijn vandaag de groene longen geworden van de streek. Ik besliste om erop uit te trekken om deze in van geschiedenis doordrongen heuvels te gaan ontdekken!
© Leslie Artamonow

Ok, ik moet toegeven dat wanneer je op zoek gaat naar een bestemming om een rustgevend weekend door te brengen, je normaal gezien eerder denkt aan de Ardennen of de Kust. Maar ik besliste om buiten de platgetreden paden te gaan en een regio te ontdekken die het verdient om ontdekt te worden als toeristische regio. Net als de Duitse stad Essen, die van zijn industriële verleden een troef maakte, moedigt ook Charleroi nu iedereen aan om exact dat te komen ontdekken wat in de 19de en 20ste eeuw rijkdom bracht, te beginnen met de terrils. Deze artificiële heuvels, die ontstonden door de ophoping van overblijfselen van de koolontginning, zijn vandaag opmerkelijke natuurplekjes geworden die uitnodigen om beklommen te worden.

5 niet te missen plekken

Voordat ik eropuit trok om deze gekke heuvels te trotseren, deed ik wat onderzoek op de website van Charleroi Métropole Tourisme, die alle te bezichtigen sites in Charleroi en de zowat twintig omliggende gemeenten repertorieert. Ik zag verschillende terrils die vrij toegankelijk zijn: de Martinet-terril in Roux, de Vallées-terril in Gilly, de Saint-Charles-terril in Marchienne-au-Pont, de beroemde Bois du Cazier-terril en de Piges-terril in Dampremy.

Ik koos voor die laatste omdat hij een uitzonderlijk panoramisch uitzicht biedt op de stad beneden en ook gemakkelijk te bereiken is vanuit het stadscentrum. Hij bestaat uit verschillende heuvels tussen de Chaussée de Bruxelles, de Route de Mons, de Rue Joseph Wauters en de rue Decoux, waar je de hoofdtoegang vindt, vlak achter de speeltuin. Zoals bij elke beklimming van de terril heb je goede wandelschoenen nodig, want de paden zijn gemaakt van zwarte aarde. Niet ideaal voor witte sportschoenen dus!

© Leslie Artamonow

Ik koos voor die laatste omdat hij een uitzonderlijk panoramisch uitzicht biedt op de stad beneden en ook gemakkelijk te bereiken is vanuit het stadscentrum. Hij bestaat uit verschillende heuvels tussen de Chaussée de Bruxelles, de Route de Mons, de Rue Joseph Wauters en de rue Decoux, waar je de hoofdtoegang vindt, vlak achter de speeltuin. Zoals bij elke beklimming van de terril heb je goede wandelschoenen nodig, want de paden zijn gemaakt van zwarte aarde. Niet ideaal voor witte sportschoenen dus!

Van DAMPREMY naar MARCHIENNE

Na een zonnige ochtend op de heuvels van Dampremy ging ik ten zuiden van Charleroi naar de terril van Saint-Charles. Deze terril is het resultaat van de ontginning van de mijn van Saint-Charles, die in 1958 de deuren sloot. In de jaren negentig werden de twee terrils van Bayemont en Saint-Charles afgegraven om hun resterende kolen te recupereren en vervolgens omgevormd tot één heuvel. De lokale autoriteiten plantten daarbij bomen en kruiden, en al snel begon de flora en fauna de biodiversiteit van het terrein spontaan te verrijken.

© Leslie Artamonow

Ook hier vond ik het bijzonder aangenaam om de terril te ontdekken, een terril die opvalt door zijn rust en stilte. De korte wandellus, die over het algemeen heel gemakkelijk bewandelbaar is, stijgt geleidelijk naar het middenplateau van de heuvel, waar je een voormalige bezinkvijver vindt die met riet begroeid is. Vervolgens stijgt het pad geleidelijk verder naar de top, waar je kan genieten van een fantastisch uitzicht op het reliëf van de streek en de fabrieken van Marchienne-au-Pont en Marcinelle. De route eindigt met een mooie lus om het bassin beneden, waar je kan genieten van verschillende uitzichten op de omgeving.

‘LA BOUCLE NOIRE’, de zwarte lus

Heb je nog nooit gehoord van de ‘Boucle Noire, de Zwarte Lus? Ik ook niet hoor, tenminste totdat ik een plan tegenkwam waarin het concept werd uitgelegd. Terwijl de ‘GR des Terrils’ (bekend als de GR412) over een lengte van 300 km Bernissart via Charleroi met Luik verbindt, kan je ook een lus van 22 km maken vanaf het station Charleroi-Sud. Je geraakt er dus makkelijk met de trein, van waar in België je ook komt. Deze dagwandeling zorgde ervoor dat ik de kastelen van Marchienne en Monceau kon ontdekken, en ook de terrils van Martinet en de verzameling van terrils bij La Dorcherie. Tijdens deze route beklim je vier artificiële heuvels, verbonden door passages en paden. Ik was blij met de duidelijke en goed zichtbare bewegwijzering, waardoor je gemakkelijk je weg vindt!

Leslie Artamonow

Ook zin om dit alles te ontdekken? Surf dan net zoals ik naar de website van Charleroi Métropole Tourisme om je trip naar het ‘Pays Noir’ voor te bereiden!