Op 14 februari 1349, op Valentijnsdag, viert Straatsburg niet de liefde maar de haat! De stad beleeft immers één van de meest verschrikkelijke pogroms van de middeleeuwen.

Op die dag worden ongeveer 2.000 Joden opgepakt, hun wijk uit geleid en daarna levend verbrand op de Joodse begraafplaats. Achter die uitbarsting van geweld schuilen niet alleen angst of bijgeloof. Er is ook een politieke crisis, er zijn dodelijke geruchten, schulden die men wil uitwissen, bezittingen die men wil recupereren, en dat alles doet een hele stad kantelen.
De pest is er nog niet, maar de angst is al overal
Begin 1349 is Straatsburg nog niet getroffen door de Zwarte Dood. Maar het nieuws over de pestepidemie, die elders in Europa al zwaar toeslaat, verspreidt zich als een lopend vuurtje. De paniek neemt toe. En zoals zo vaak in de geschiedenis zoekt die angst naar schuldigen.
De Joden, die al lange tijd gemarginaliseerd werden, worden de ideale doelwitten. Al eeuwen krijgen ze terugkerende beschuldigingen te verduren: de moord op Christus, rituele misdaden, woekerpraktijken… In Straatsburg, net als elders, zijn velen van hen actief in het uitlenen van geld, een beroep dat men tolereert en tegelijk verafschuwt. Ze zijn dus tegelijk nuttig voor de economie in de stad en diep onpopulair… vooral bij wie hen geld verschuldigd is, uiteraard!
© yevhenii-deshko
Wanneer geruchten over de vergiftiging van waterputten opduiken, is het terrein al voorbereid. Niets is bewezen, maar Joden worden opgepakt, gefolterd en ondervraagd. Er komt geen enkele geloofwaardige bekentenis. Maar in een stad die al door angst wordt doorkruist, telt de waarheid minder dan de nood om een verantwoordelijke aan te wijzen!
Een broze bescherming, in enkele dagen omvergegooid
Wat de tragedie van Straatsburg bijzonder aangrijpend maakt, is dat de stedelijke autoriteiten aanvankelijk geen bloedbad willen. De stadsraad, samen met ambachtsliedenleider Peter Schwarber, probeert de Joden te beschermen. Maar er is ook een heel concrete economische realiteit: de Joden betalen belangrijke belastingen, financieren een deel van de stedelijke activiteit en spelen een rol in de financiële evenwichten van Straatsburg.
De Joodse wijk wordt bewaakt en de raad probeert de menigte te kalmeren. Maar die bescherming wordt zelf een reden voor volkswoede. Velen beschuldigen de machthebbers ervan te gunstig te zijn voor de Joden. In werkelijkheid gaan achter die woede ook andere belangen schuil: schuldenaars willen onder hun schulden uitkomen, bepaalde groepen willen de macht grijpen, en ambachten willen zwaarder wegen op het bestuur van de stad.
Op 9 februari 1349 kantelt de situatie. Een opstand van de ambachtslieden, gesteund door een deel van de bevolking en door adellijke families die van de macht uitgesloten zijn, zet de magistraten af die op dat moment regeren. De vroegere machthebbers worden verjaagd. Peter Schwarber wordt politiek uitgeschakeld. Op enkele dagen tijd verdwijnt de laatste dam tegen de pogrom.
14 februari 1349: de massamoord
De nieuwe machthebbers handelen snel. Op vrijdag worden de Joden opgepakt. Op zaterdag 14 februari worden ze naar de begraafplaats van hun gemeenschap gebracht. Daar wordt een enorme brandstapel opgericht. Honderden, daarna duizenden mensen worden levend verbrand. Anderen worden opgesloten in een houten constructie die vervolgens in brand wordt gestoken. De massamoord duurt meerdere dagen.

Slechts enkelen ontsnappen aan de dood: sommige kinderen, enkele vrouwen en wie aanvaardt zijn geloof af te zweren. Voor de rest betekent het de vernietiging van de Joodse gemeenschap van Straatsburg.
Haat die ook door eigenbelang werd gevoed
Na de massamoord worden schulden tegenover de Joden kwijtgescholden. Pandbrieven, kredietbrieven en goederen worden herverdeeld. Het contante geld wordt gedeeltelijk verdeeld onder de ambachtslieden. Ook de machtigen halen voordeel uit de operatie. Velen die de val van de stadsraad hebben geholpen, hadden belang bij het verdwijnen van hun schuldeisers.
Met andere woorden: de pogrom is niet alleen een uitbarsting van fanatisme. Het is ook een politieke, sociale en economische misdaad. De angst voor de pest was de vonk en het eeuwenoude antijudaïsme leverde het kader. Maar de hebzucht heeft het vuur in grote mate aangewakkerd!
Straatsburg vandaag: een erg levendige stad!
Vandaag is Straatsburg een open, Europese stad, doordrongen van geschiedenis op elke straathoek. De kathedraal, de kaaien, de Europese instellingen en de steegjes van het oude centrum… op het eerste gezicht wijst niets erop dat hier zo’n massamoord heeft plaatsgevonden. Toch blijft de herinnering aan de pogrom van 1349 bestaan, onder meer via gedenkplaten en historisch onderzoek die aan die vernietiging herinneren.