Voor we het binnenland vaarwel zeggen, gaan we toch nog even de sportieve toer op aan het Piva-meer. Dit kunstmatige meer ontstond door de bouw van een dam met waterkrachtcentrale op de Piva-rivier. Het meer is 45 km lang en goed voor een totale oppervlakte van 12.5 km2, terwijl het op sommige plaatsen maar liefst 188 meter diep is.

Watersporten

Onderweg ernaartoe stoppen we aan het uitkijkpunt van Babina Greda. Van daaruit heb je een mooi overzicht over het meer, en over de Volujak. Dat is de tweede hoogste berg van het land, die Montenegro scheidt van Bosnië-Herzegovina. We krijgen er ook de Stecci of grafstenen te zien van een Bogomil-begraafplaats, een Griekse geloofsgemeenschap die ondertussen verdwenen is maar in de hele regio zijn sporen achterliet.

Maar dan is het weer tijd voor actie. We gaan niet voor een boottocht op het meer, ook een optie, maar kiezen voor kayakken vanuit Plužine. Dat is de bescheiden hoofdstad van de regio, die aan het meer ligt. Kayakken op een meer is intensiever en uitdagender dan je laten meedrijven op pakweg de Lesse. Hier moet je echt spierkracht gebruiken. Om uit te rusten stoppen we even op een eilandje in het meer, de overblijfselen van een dorp dat bij de aanleg van de stuwdam onder water kwam te liggen. Het Piva-klooster uit de 16de eeuw werd gered en in de jaren ‘80 enkele kilometers verder heropgebouwd. We gaan er nog even langs op weg naar onze volgende bestemming, de baai van Kotor.

Fjord met Italiaanse flair

De baai van Kotor is één van de toeristische hoogtepunten van Montenegro, en staat sinds 1979 op de Unesco Werelderfgoedlijst. Het wordt wel eens de meest zuidelijke fjord van Europa genoemd, ook al ontstond ze door tectonische bewegingen eerder dan door gletsjers, zoals een echte fjord. Hoe dan ook: deze plek weet te charmeren met zijn mediterrane, bijna Italiaanse flair. Geen toeval, want de vele middeleeuwse dropjes langs de kronkelige kust maakten met hun beschutte haventjes ooit deel uit van het Venetiaanse rijk.

We stoppen in Perast om er de sporen van de rijke geschiedenis van het gebied te aanschouwen, met de vele palazzo’s die er tijdens de Venetiaanse periode gebouwd werden voor zeelieden. En ook om er te genieten van het prachtige uitzicht op de baai en de eilandjes: Our Lady of the Rocks en St George. Als je wat meer tijd hebt, kan je met de boot het eerste eiland bezoeken om de baai vanop het water te bekijken. Wij blijven aan wal om de sfeer op te snuiven, en proeven op het terras van restaurant Armonia van de beroemde ‘Peraška torta’, een amandel-citroencake. Ik weet niet hoe het Italiaanse ‘dolce vita’ klinkt in het Montenegrijns, maar ze kennen er in elk geval wel kaas van gegeten!

Sterk ontwikkeld kusttoerisme

Tijdens deze reis krijgen we heel wat proevertjes van Montenegro, een soort ‘Best Of’. Leuk, maar ook jammer, want onderweg zijn er nog heel wat trekpleisters die we maar al te graag hadden willen ontdekken. In Tivat bijvoorbeeld, dat ook in de baai ligt, schuiven we enkel aan voor het diner. Zo zien we niets van de mondaine ‘Porto Montenegro’ jachthaven, het Maritieme Museum en de vele historische gebouwen van deze voormalige marinebasis. Zeker een stadje om op je to do-lijstje te zetten dus, als je wat meer tijd uittrekt voor de baai van Kotor.

Van Kotor zelf, helemaal in een uitloper van de gelijknamige baai, krijgen we meer te zien. Gelukkig maar, want de oude stad is zeker een bezoek waard. Dat vinden ook cruiseschip-passagiers. Net wanneer we bij valavond arriveren, wordt er een groep toeristen gelost uit een cruiseschip dat boven de stad lijkt uit te torenen. Het is dus gezellig druk in het oude centrum.

Kotor: Unesco Werelderfgoed

De ommuurde oude stad van Kotor was één van de strategische Venetiaanse burchtsteden, en verdedigde zich succesvol tegen de Ottomanen. Met zijn smalle straatjes, indrukwekkende pleinen en kerken staat het op de Unesco Werelderfgoedlijst, en is dus absoluut een bezoek waard.

De 17de-eeuwse klokkentoren, het centrale plein, de kathedraal, de vele restaurants… het is hier bijzonder gezellig. Voor de liefhebbers van katten heeft Kotor ook iets in petto: je vindt er niet alleen heel wat straatkatten (die goed verzorgd worden), maar ook een kattenmuseum. Historisch waren ze dan ook van belang om de stad vrij te houden van knaagdieren en de ziektes die ze met zich meebrachten.

Wij overnachten in een hotelcomplex in Budva, aan de Adriatische kust net naast de baai van Kotor. De Montenegrijnse Rivièra is van oudsher een toeristische bestemming, en is dus ook uitstekend toeristisch ontwikkeld. Je hebt keuze uit een brede waaier van overnachtingsmogelijkheden, van campings en appartementen tot familiale hotels, beach clubs en exclusieve resorts. De ideale plek voor een zonovergoten ontsnapping, met de mogelijkheid om je strandstoel op tijd en stond in te wisselen voor een culturele uitstap naar de baai van Kotor of het binnenland.

Kabelbaan met vergezichten

Voor we de vlucht terug naar huis nemen op de luchthaven van Podgorica, trekken we nog het binnenland in naar Cetinje, de oude hoofdstad van Montenegro. En dat doen we (gedeeltelijk) op een bijzondere manier: via de kabelbaan vanuit Kotor.

Een bijzondere ervaring, en vooral ook de gelegenheid om de baai vanuit de hoogte te bekijken. Een zicht dat je met een glas in de hand helemaal in je kan opnemen vanuit Forza Kuk, het restaurant boven aan de kabelbaan. Heb je geen haast en geen hoogtevrees, dan kan je boven ook een rodelbaan uittesten met een uitzicht over de kustlijn.

Onderweg naar Cetinje spotten we nog het Lovćen Mausoleum, dat in 1974 gebouwd werd op 1.660 meter hoogte. Het is de laatste rustplaats van Petar II Petrović Njegoš, een door de Montenegrijnen geliefde Prins-bisschop, auteur en filosoof die in 1851 overleed. Hij lag oorspronkelijk begraven in zijn geboorteplaats Cetinje, maar zijn overblijfselen werden naar hier verhuisd in de jaren ‘50. Vandaag is het een plek die elke Montenegrijn bezocht moet hebben.

Cetinje: voormalige hoofdstad

Cetinje zelf heerste sinds de 15de eeuw de Koninklijke Petrovic-Njegos dynastie, en tussen 1878 en 1914 was het de Koninklijke hoofdstad van Montenegro, en rol die vandaag vervuld wordt door Podgorica. Het is een vredig stadje met een aantal bezienswaardigheden die het koninklijke verleden weerspiegelen. Het Paleis van Koning Nikolas bijvoorbeeld, vandaag het staatsmuseum, het Etnografisch Museum en de ‘Biljarda’. Dat laatste werd gebouwd als residentie voor Petar II, en kreeg zijn naam toen de Prins-Bisschop een biljarttafel kreeg, zijn favoriete tijdverdrijf. Het was de eerste in het land.

En dan is er nog het Blauwe Paleis, vandaag de officiële residentie is van de President van Montenegro. Daarnaast vind je in Cetinje verschillende musea, theaters en bezienswaardigheden. Het gezapige tempo van de stad is ideaal als je de drukte aan de kust even wil ontglippen.

Onderweg naar de luchthaven van Podgorica stoppen we nog even in Njeguši, om nog een laatste keer te genieten van de heerlijke wijn en de mogelijkheid om wat lokale kaas en prosciutto te kopen. Een waardige afsluiter van een heerlijke kennismaking met Montenegro die smaakt naar meer!

Praktisch

Vanuit België zijn er dagelijks vluchten naar Montenegro, rechtstreeks naar Podgorica vanuit Charleroi, of met een tussenstop naar Tivat (dat korter bij Kotor en de kust ligt) vanuit Brussel. Wil je Durmitor National Park ontdekken en volop wandelen, dan mik je best op de periode tussen maart tot en met oktober, aangezien het in de wintermaanden stevig kan sneeuwen in de regio. De kust geniet dan weer van een mediterraan klimaat en is dus het hele jaar door een aanrader… tenzij je de hete zomermaanden liever vermijdt natuurlijk.

Hoewel Montenegro buiten de EU ligt, volstaat een identiteitskaart als je van plan bent om niet langer dan 30 dagen te blijven. Anders heb je een paspoort nodig. Je betaalt in Montenegro dan weer wel gewoon in euro, maar denk aan de kosten van telefoongesprekken en mobiel internet. Een e-sim of lokale simkaart zijn aan te raden.

Meer info en plan je reis: www.visit-montenegro.com